Digitaal monument
Aan boord overleden. (1909)
Scheepsnaam
Adrianus Jacobus
Scheepstype
Bomschuit
Datum toedracht
24 augustus 1909
Betrokkenen
Ment Harteveld
63
Toedracht
Op 26 augustus werd de bomschuit de haven van Scheveningen binnengesleept. Het in- en uitslepen van de zeilvoerende schepen was destijds gebruikelijk maar de ‘Adrianus Jacobus’ had bij uitzondering de, doorgaans in de mast gehesen, pronkvaantjes ingenomen. Dit als teken dat er een dode aan boord was. Aan boord bevond zich het dode lichaam van Ment Harteveld. De matroos was tijdens zijn ziekte nog enkele weken aan boord van het Hospitaal-Kerkschip 'De Hoop' verpleegd maar desondanks overleden. De schuit meerde niet af langs de loswal maar aan het ponton. Het lijk werd daar eerst door een arts geschouwd waarna het direct naar de Algemene Begraafplaats werd vervoerd.
Het schouwen van uit zee komende schepen, met aan boord een dode was weliswaar niet ongebruikelijk, maar in de 2e helft van 1909 was er extra alertheid i.v.m. een heersende cholera te Rotterdam en de aangrenzende Maashavens. In september werden voor de Scheveningse haven als voorzorg twee quarantainedokters aangesteld. Wellicht dat Harteveld verschijnselen van deze ziekte had.
Documentatie
Algemeen
Feitelijke toedrachten
Op de Katwijker bomschuit -die met man en muis verging- bevond zich één geboren Scheveninger. Teunis Pronk was met zijn gezin in augustus 1881 in Katw … lees meer